Wat komt er bij tegelwerk kijken?
Tegels zetten lijkt eenvoudig: lijm op de wand, tegel erop, voegen. In de praktijk zit het werk in wat je niet ziet. Bij een badkamer of een doucheruimte is het tegelwerk namelijk niet alleen de afwerking maar ook een deel van de waterdichting. Water dat via een voeg of een hoek achter de tegels komt, bereikt de wandconstructie en de vloer, en daar begint schade die je pas jaren later ziet aan het plafond van de kamer eronder.
Daarom is de opbouw van een betegelde natte ruimte een systeem. Op een vlakke, stabiele ondergrond komt een waterdichte laag — een vloeibaar aangebrachte afdichting of een plaatsysteem — met kimband in alle hoeken en manchetten rond de doorvoeren van kranen en de afvoer. Daar bovenop komt de tegellijm en de tegel. De voeg is niet waterdicht; hij is een afwerking die water vertraagt. De laag eronder doet het werk.
Het tweede punt dat het resultaat bepaalt is de vlakheid van de ondergrond. Tegels zijn stijf en vlak, en hoe groter het formaat, hoe minder ze een golvende wand of vloer kunnen volgen. Bij grote formaten — die de laatste jaren de norm zijn geworden — wordt een onvlakke ondergrond zichtbaar als tegels die op de hoeken uit elkaar staan, of als een randje dat je met je voet voelt. Een tegelzetter kan tot op zekere hoogte compenseren met lijmdikte, maar de echte oplossing is de ondergrond eerst vlak maken.
Wat valt er onder het werk?
- Ondergrond voorbereiden — egaliseren van de vloer, uitvlakken van wanden, en het aanbrengen van een primer die de zuiging regelt.
- Waterdichting — in natte ruimtes: een afdichtingslaag met kimband in de hoeken en manchetten bij doorvoeren.
- Afschot naar de afvoer — bij een inloopdouche of een vloerafvoer moet de vloer met afschot worden aangelegd, doorgaans in de egalisatielaag.
- Indeling bepalen — waar de hele tegels komen en waar de snijtegels. Dit is een ontwerpbeslissing en bepaalt of een ruimte rustig oogt.
- Tegels zetten — met de juiste lijm voor het formaat en het materiaal, en volledig in de lijm zodat er geen holle plekken achterblijven.
- Zaag- en snijwerk — om openingen voor kranen, stopcontacten en hoeken.
- Voegen — met een voegmortel in de gekozen kleur, en na uitharding schoonmaken.
- Kitwerk — hoeken en aansluitingen worden niet gevoegd maar met een blijvend elastische kit afgewerkt, omdat daar beweging zit.
Hoe verloopt het werk?
- Opname en tegelkeuze. Formaat, materiaal en voegbreedte. Bij grote formaten wordt de vlakheid van de ondergrond gemeten.
- Ondergrond klaarmaken. Egaliseren, uitvlakken, en bij een vloerafvoer het afschot aanbrengen.
- Waterdichting. Afdichtingslaag, kimband, manchetten. Dit is het moment om foto’s te maken; daarna is het niet meer te zien.
- Indeling uitzetten. Met lijnen op wand en vloer, zodat de tegels symmetrisch uitkomen en de snijtegels op de minst zichtbare plek belanden.
- Tegels zetten. Wanden en vloer, met kruisjes of levellingsysteem voor gelijke voegen en een vlak resultaat.
- Uitharden. De lijm moet doorharden voordat er gevoegd kan worden.
- Voegen en schoonmaken.
- Kitten. Hoeken, de overgang tussen wand en vloer en de aansluiting op sanitair.
Wat kost het?
Als grove marktindicatie kost het zetten van tegels ongeveer 40 tot 90 euro per vierkante meter, exclusief de tegels zelf. Kleine formaten en mozaïek liggen hoger omdat er meer stuks per vierkante meter zijn; zeer grote formaten ook, omdat ze zwaar zijn en met twee man moeten worden gezet. Egaliseren en waterdichten komen daar bovenop, doorgaans 15 tot 40 euro per vierkante meter. Dit zijn oriëntatiebedragen en geen prijsopgave.
Wat de prijs bepaalt:
- Formaat. Middelgrote tegels zijn het voordeligst; mozaïek en zeer grote platen zijn beide duurder in arbeid.
- Patroon. Recht verband is het snelst; visgraat, halfsteens verband met grote tegels en diagonaal leggen kosten aanzienlijk meer tijd en geven meer snijverlies.
- Materiaal. Keramiek en gres zijn goed te zagen; natuursteen en zeer harde porcellanato vragen ander gereedschap en meer tijd.
- Ondergrond. Een vlakke, stabiele ondergrond scheelt uren; een golvende wand of een houten vloer die eerst moet worden verstijfd niet.
- Aantal doorvoeren en details. Elke kraan, elk stopcontact, elke inbouwnis en elke buitenhoek is handwerk.
- Waterdichting. Vloeibaar systeem of tegeldragende platen, en de hoeveelheid kimband en manchetten.
Reken bij het inkopen van tegels op tien procent extra voor snijverlies, en bij een patroon als visgraat op meer. Koop dat in één keer: tegels worden per productiepartij gebakken en de kleur verschilt merkbaar tussen partijen.
Hoe lang duurt het?
Een gemiddelde badkamer kost twee dagen tot een week aan tegelwerk, afhankelijk van formaat en detaillering. Daar komt tijd bij voor het egaliseren en de waterdichting, en tussen zetten en voegen zit uithardingstijd. De vloer mag daarna nog een aantal dagen niet zwaar worden belast, en een gietvloer of een egalisatielaag heeft eigen droogtijden.
Bij een nieuwe woning of na een verbouwing speelt de restvochtigheid van de ondergrond mee: op een verse zandcementvloer of een net gestucte wand kan niet direct worden getegeld. Vraag de tegelzetter welke droogtijd hij aanhoudt en waarom; dit is een reden dat een planning uitloopt en het is een terechte reden.
Waar let je op in de offerte?
- Zit de waterdichting erin, en welk systeem? Bij een natte ruimte is dit het belangrijkste onderdeel. Vraag naar de productnaam en naar kimband en manchetten.
- Is egaliseren of uitvlakken meegenomen? Bij grote formaten is dit geen optie.
- Wordt het afschot naar de afvoer aangebracht? Bij een inloopdouche is dat de kern van de klus.
- Welke voegbreedte en welke voegkleur? Kleine keuzes met een groot effect op het beeld; vraag om een monster.
- Worden hoeken gekit in plaats van gevoegd? Voegmortel in een bewegende hoek scheurt altijd.
- Wie levert de tegels, en wie draagt het snijverlies?
- Hoeveel snijverlies wordt gerekend? En is er reserve voor later, bij schade?
- Hoe wordt de indeling bepaald? Vraag om de tegelindeling vooraf te bespreken; de plek van de snijtegels bepaalt het eindbeeld.
Veelgemaakte fouten
- De waterdichting overslaan omdat de tegels toch waterdicht zijn. Voegen zijn niet waterdicht. Dit is de belangrijkste oorzaak van lekkage naar de constructie en van een natte plafondplaat op de verdieping eronder.
- Hoeken voegen in plaats van kitten. In een hoek zit beweging; een starre voeg scheurt en laat water door.
- Grote tegels op een onvlakke ondergrond. Het resultaat zijn hoeken die uit elkaar staan en randjes die je voelt. Dit is achteraf niet te repareren.
- Tegels niet volledig in de lijm zetten. Holle plekken onder een tegel breken bij belasting en houden water vast.
- Tegels uit verschillende partijen mengen. De kleur verschilt tussen productiepartijen. Koop in één keer en houd reserve over.
- Geen reservetegels bewaren. Een gebroken tegel over vijf jaar is niet meer leverbaar, en dan valt de reparatie op.
- Op een verse ondergrond tegelen. Een zandcementvloer of nieuw stucwerk moet eerst voldoende droog zijn, anders ontstaat er spanning en laten tegels los.